Het bestaan van het kwaad

Het bestaan van het kwaad – Een probleem voor wereldbeelden
Het bestaan van het kwaad in de wereld inspireert al vele eeuwen lang het intellectuele debat. Terwijl geleerden talloze theorieën hebben ontwikkeld om de realiteit van het verschijnsel te verklaren in combinatie met het bestaan of niet bestaan van een almachtige God, is het vaak moeilijk om het bestaan van het kwaad te verenigen met de ideeën van onze levensbeschouwing.

Het bestaan van het kwaad – Wat is het kwaad eigenlijk?
Om te kunnen begrijpen waarom het bestaan van het kwaad een probleem vormt onder het vergrootglas van een bepaald wereldbeeld, moeten we het kwaad eerst definiëren. Daar zijn de volgende omschrijvingen voor te vinden:

    Kwaad (bijvoeglijk naamwoord)-- (1) moreel slecht: verregaand immoreel of verkeerd, (2) schadelijk: opzettelijk letsel, pijn of onrust veroorzakend, (3) tegenslag veroorzaken: gekenmerkt door het brengen of betekenen van ongeluk, (4) boosaardig: gekenmerkt door de wens om letsel of schade te veroorzaken, (5) duivels: verband houdend met de duivel of andere machtige verwoestende krachten (zoals geesten), (6) onaangenaam: zeer vervelend.

    Kwaad (zelfstandig naamwoord)—(1) slechtheid: de eigenschap om verregaand immoreel of fout te zijn, (2) een kracht die nadelige gevolgen veroorzaakt: kracht waarvan verondersteld wordt dat die schadelijke, pijnlijke of vervelende gebeurtenissen veroorzaakt, (3) iets kwaads: een situatie die - of een ding dat - onaangenaam, schadelijk of moreel verkeerd is.
Op basis van deze definities kunnen we het kwaad onderverdelen in twee logische “oorzaak-en-gevolg”- categorieën: moreel en natuurlijk. In de Engelstalige publicatie “Making Sense of Your World” wordt moreel kwaad omschreven als “de keuzes die vrije mensen maken”. Natuurlijk kwaad is het gevolg van processen die inherent aan onze aarde zijn. Dit type kwaad “heeft geen relatie met de menselijke wil of het menselijk handelen, en er blijkt ook niet noodzakelijkerwijs een waarneembare intelligente doelstelling uit.”1

Volkerenmoord, verkrachting en moord kunnen gekenmerkt worden als moreel kwaad, terwijl tyfoons, aardbevingen en ziekte voorbeelden zijn van natuurlijk kwaad. In sommige gevallen is natuurlijk kwaad het rechtstreekse gevolg van een menselijke handeling die gebaseerd is op een verkeerd moreel oordeel, zoals het feit dat losbandig seksueel gedrag een rechtstreeks verband heeft met seksueel overdraagbare ziektes. In dit geval “overlappen de twee categorieën [van het kwaad] elkaar en vormen iets wat sommigen ‘gemengd kwaad’ noemen”.2

Maar zelfs met heldere definities en voorbeelden is de vraag hoe we het bestaan van het kwaad benaderen een heel ander verhaal.

Het bestaan van het kwaad – Atheïsme en het probleem van het kwaad
Op ware proefondervindelijke wijze wil de atheïst het bestaan van het kwaad in de meest simpele, rationele vorm logisch berekenen. Net zoals men denkt dat God absoluut niet bestaat, is er ook niet zoiets als het kwaad. En alles wat “goed” genoemd wordt, is tegengesteld aan het kwaad. Neem bijvoorbeeld de volgende verklaring van David Hume over goed en kwaad:

    Hoe voortreffelijker het goede is, waarvan wij slechts een klein deel mogen ervaren, des te scherper is het kwaad er mee verweven; en er zijn maar weinig uitzonderingen op deze uniforme natuurwet. Het grootste intellect grenst aan waanzin; de hoogste vreugdegevoelens roepen de diepste zwaarmoedigheid op; de heerlijkste genoegens gaan samen met de wreedste vermoeidheid en walging; de meest vleiende hoop maakt plaats voor de grootste teleurstellingen. En over het algemeen is de veiligste weg (want over geluk kun je beter niet dromen) om gematigd en bescheiden te leven met in alles, voor zover mogelijk, een middelmatigheid en een soort van gevoelloosheid.3
Deze zienswijze op het bestaan van het kwaad resulteert in een hopeloos en hulpeloos leven in een wereld waarin niets goed afloopt. Bij gevolg zijn er geen morele grenzen voor goed of kwaad – je leeft gewoon je leven en je hoopt dat jij meer geluk hebt dan anderen en zult ontkomen aan de nadelige gevolgen van natuurlijke oorzaken en processen.

In tegenstelling tot atheïsten, die stellen dat wij niet weten wat we niet weten, geloven agnosten dat we het gewoon niet weten. Omdat we het niet weten, kunnen we geen enkele kennis van God hebben. De agnost meent dat het belachelijk is om waarde te hechten aan enig idee over zo’n wezen of de hoop die daaruit voortvloeit. In het beste geval kan de agnost een pessimistische ontmoedigende hopeloosheid tegemoet zien, wanneer hij zich met het kwaad geconfronteerd ziet. “Het bestaan van het kwaad en de betekenis daarvan moeten neerkomen op ‘er het beste van proberen te maken’, en zo werkt het in de praktijk voor de agnost ook’”4

Het bestaan van het kwaad – Theïsme en het probleem van het kwaad
In Joods-christelijke samenlevingen wordt het bestaan van het kwaad op verschillende manieren verklaard. Zo is er het concept van de “verdediging van de vrije wil”, die veronderstelt dat God, om het kwaad te kunnen afschaffen, de keuzevrijheid van de mens om Hem lief te hebben of af te wijzen, zou moeten intrekken. “Zeker, God kan het kwaad vernietigen – maar niet zonder de menselijke vrijheid te vernietigen, of een wereld waarin vrije schepselen kunnen functioneren.”5 Deze gelovigen zullen ook beargumenteren dat kwaad (pijn, lijden en natuurrampen) hen dichter bij God brengt, hetgeen het uiteindelijke doel is. Psalm 90:15 zegt ons: “Geef ons vreugde, vergoed de dagen dat U ons kwelde, de jaren dat wij ellende doorstonden.”

Het theïstische wereldbeeld betoogt ook dat alles uiteindelijk zal bijdragen aan het goede (Romeinen 8:28), zoals specifiek in het verhaal van Jozef die van rijkdom naar armoede naar rijkdom gaat in het Oude Testament. In het grote geheel is het kwaad werkelijk en verschrikkelijk, maar de reden voor het bestaan ervan en het plan voor de uiteindelijke ondergang van het kwaad is al helemaal geregisseerd. De schrijvers van het eerdergenoemde “Making Sense of Your World” onderkennen dit en onderschrijven wat Prager en Telushkin er over zeggen: “De gelovige in God moet één ding verklaren, het bestaan van lijden; de ongelovige daarentegen moet het bestaan van alles wat er is verklaren.”6

Het bestaan van het kwaad – Pantheïsme en het probleem van het kwaad
Voor wereldbeelden die beïnvloed worden door Oosterse, pantheïstische of transcendente doctrines, is het bestaan van het kwaad en lijden onlosmakelijk verbonden met één van twee bronnen: (i) kwaad en lijden zijn enkel illusies die door het menselijke brein bedacht zijn, of (ii) kwaad en lijden zijn verbonden met ongezondheid, onreinheid of onheiligheid van het karakter. Volgens de Boeddhistische leer is alle kwaad het rechtstreekse gevolg van onwetendheid of onbekendheid.7 Bijgevolg zal het voortdurende bijschaven van de eigen persoon door kennis en verlichting uiteindelijk positieve resultaten opleveren en het ultieme einde, waarbij de beklemmingen van deze materiële wereld overstegen worden. Wanneer men er niet in slaagt om kwaad en lijden te overstijgen, kan men het in de toekomst nog eens opnieuw proberen, dankzij de doctrine van reïncarnatie.

De schrijvers van “Making Sense of Your World” signaleren twee tekortkomingen in de theorie dat lijden een illusie is en dat je daarmee het probleem van het kwaad kunt oplossen. Ten eerste past het simpelweg “niet in het plaatje van wat de wereld werkelijk ervaart, of van het kwaad”. Ten tweede, “het probleem van het kwaad wordt niet aangepakt wanneer je het beschouwt als een illusie”. Bovendien, hoe zit het met overwonnen kwaad? “Als dan het kwaad met succes bestreden lijkt te zijn, is dan de voldoening dat het recht zegeviert over het kwaad, niet ook een illusie?”8

Vanuit de tweede visie ten aanzien van menselijke ongezondheid, onreinheid of onheiligheid bezien, “is alle kwaad dat iemand in zijn leven ervaart het resultaat van negatieve energie die afkomstig is uit eerdere levens” of van een negatieve “daad” of handeling die men in dit leven verricht heeft. Het probleem waar de schrijvers naar verwijzen, is dat deze visie veronderstelt dat pijn en lijden verdiend zijn als gevolg van wat jij zelf hebt gedaan in jouw vorige leven. Los van andere overwegingen leidt deze overtuiging er uiteindelijk toe dat iemand die dit gelooft “niet aangemoedigd zal worden om iets te doen waarmee hij of zij het lijden van een ander zou kunnen verlichten.”9

Het bestaan van het kwaad – Conclusie
Het bestaan van het kwaad in de wereld vormt een potentiële bedreiging voor de basis van welk wereldbeeld dan ook. Zelfs degenen onder ons met de beste filosofische antwoorden en de diepst gewortelde geloofsovertuiging, hetzij natuurlijk dan wel geestelijk, vinden het bestaan van het kwaad moeilijk te verzoenen met logica en redenering (atheïsme/agnosticisme) of geestelijke noodzaak (theïsme); of zelfverwezenlijking/denkbeeldige theorieën (pantheïsme). Zelfs voor iemand die passief onwetend wil zijn, blijft het bestaan van het kwaad een enorm probleem dat uiteindelijk de menselijke geest en ons hart uitdaagt.

Leer meer!

Met dank aan Leandrea Davis Rodriguez

Voetnoten:
1 Phillips, W. G., Brown, W. E., & Stonestreet, J. (2008). Making Sense of Your World: A Biblical Worldview (Tweede editie, red.). Salem: Sheffield Publishing Company, p. 147.
2 Idem, p. 148.
3 Hume, D. (1757/1777). The Natural History of Religion. (A. Merivale, Ed.) 22 maart, 2011, uit: DavidHume.org: http://www.davidhume.org/texts/?text=nhr. 1757/1777.
4 Harte, B. (1883). Overland Monthly and the Out west Magazine. In: Topics of the Time: Questions of Belief (pp. 553-556). New York: G.P. Putnam's Son's, p. 556.
5 Rood, R. (1996). The Problem of Evil: How Can a Good God Allow Evil. 21 maart 2011, uit: Probe Ministries: http://www.leaderu.com/orgs/probe/docs/evil.html
6 Phillips, W. G., Brown, W. E., & Stonestreet, J. (2008). Making Sense of Your World: A Biblical Worldview (Tweede editie, red.), p. 151.
7 St. Zieba, M. (4 oktober 2005). Philosophy: Problem of Evil, laws of manu, eastern philosophies. 22 maart 2011, uit: All Experts: http://en.allexperts.com/q/Philosophy-1361/Problem-Evil.htm
8 Phillips, W. G., Brown, W. E., & Stonestreet, J. (2008). Making Sense of Your World: A Biblical Worldview (Tweede editie, red.), p. 152.
9 Idem, p. 153. 15


WAT DENK JIJ? - Wij hebben allemaal gezondigd en verdienen allemaal Gods oordeel. God, de Vader, stuurde Zijn eniggeboren Zoon om dat oordeel op Zich te nemen voor iedereen die in Hem gelooft. Jezus, de Schepper en eeuwige Zoon van God, die Zelf een zondeloos leven leidde, hield zo veel van ons dat Hij voor onze zonden stierf om zo de straf op Zich te nemen die wij verdienen. Volgens de Bijbel werd Hij begraven en stond Hij op uit de dood. Als jij dit werkelijk gelooft, er in je hart op vertrouwt en alleen Jezus als je Redder aanvaardt door te zeggen: "Jezus is Heer", dan zul je van het oordeel gered worden en de eeuwigheid met God in de hemel doorbrengen.

Wat is jouw antwoord?

Ja, vandaag heb ik besloten om Jezus te volgen

Ja, ik ben al een volgeling van Jezus

Ik heb nog steeds vragen