Postmoderne filosofie

Postmoderne filosofie – Inleiding
Richard Rorty vat de postmoderne filosofie goed samen: “Wij zouden de correspondentietheorie van de waarheid moeten opgeven en morele en wetenschappelijke overtuigingen gaan behandelen als middelen waarmee een groter menselijk geluk bereikt kan worden, in plaats van voorstellingen van de intrinsieke aard van de werkelijkheid.”1

De hedendaagse academici worden verdeeld door de filosofische ideeën van het postmodernisme. De huidige universiteitsstudenten ontdekken dat hun colleges in de sociale wetenschappen beheerst worden door het postmodernisme, maar dat de wetenschap, de techniek en de wiskunde nog steeds gedomineerd worden door het modernisme.2 In filosofische instituten krijgt de postmoderne benadering van kennis en waarheid weinig voeten aan de grond. En het postmoderne idee dat de waarheid een aspect van de samenleving is spreekt slechts weinig Christelijke theologen aan.3

Hoewel er geen enkelvoudige samenhangende postmoderne filosofie bestaat (er zijn er meerdere), duiken enkele consequente thema’s bij elke postmoderne schrijver op.

Postmoderne filosofie – Subjectieve waarheid
Een van deze thema's in de postmoderne filosofie is een ontkenning van de universele, objectieve waarheid. Dit wordt duidelijk verkondigd in Jean-Francois Lyotards beroemde woorden: “ongeloof ten aanzien van de meta-vertelling.”4 Een “meta-vertelling” is de benaming voor een overkoepelend verhaal dat de wereld tracht te verklaren. Met andere woorden: een meta-vertelling is een levensbeschouwing. Lyotard suggereert dat we sceptisch moeten zijn ten aanzien van dergelijke brede verklaringen. De uitspraak “Want God had de wereld zo lief” vinden postmodernisten om twee redenen onzinnig: (1) zij ontkennen het bestaan van God, en (2) uitspraken die betrekking hebben op de hele wereld (meta-vertellingen) zijn onmogelijk.

Voor postmodernisten bestaat er geen universele Waarheid (hoofdletter “W”), maar zijn er alleen “waarheden” (kleine “w”), die slechts betrekking hebben op een bepaalde leefgemeenschap of bevolkingsgroep en die beperkt zijn tot de individuele perceptie. Geschreven of gesproken uitspraken kunnen slechts een bepaalde plaatselijke cultuur of een individueel gezichtspunt weerspiegelen. Een bekende leus die we op dit gebied vaak horen is: “Dat mag misschien wel waar zijn voor jou, maar niet voor mij.”

Maar door de universele uitspraak dat meta-vertellingen niet bestaan, hebben de postmodernisten feitelijk hun eigen meta-vertelling geschapen. Hun verklarende verhaal voor de wereld is dat er geen verklaringen bestaan voor de wereld, maar alleen plaatselijke verhalen in de diverse culturen. Om die reden kunnen we het postmodernisme het “anti-wereldbeeld wereldbeeld” noemen.

Postmoderne filosofie – Taal en deconstructie
In de literatuur houden de postmodernisten zich enorm bezig met het taalgebruik in geschreven teksten. De belangrijkste literaire methodologie van de postmodernisten wordt “deconstructie” genoemd. De term deconstructie is afkomstig uit het werk van de Franse filosoof Jacques Derrida en betekent dat teksten worden onderzocht met de bedoeling om verborgen of meervoudige betekenissen (polysemie) te ontdekken. Op deze manier wordt de interpretatie van de tekst door de lezer belangrijker dan de tekst zelf. De subjectiviteit van de lezer speelt ook een belangrijke rol bij de bepaling van de bedoelingen van de schrijver. Een lezer kan bijvoorbeeld van mening zijn dat een bepaalde tekst erop duidt dat de schrijver een racist is, zelfs als de geschreven tekst duidelijk maakt dat de schrijver racisme verafschuwt.

In 1968 schreef Roland Barthes een korte verhandeling met de titel “De dood van de auteur”. In deze verhandeling beweerde hij dat de oorsprong van de tekst niet van belang is, maar alleen de bestemming: de lezer. Wanneer het de lezer toegestaan wordt om nieuwe betekenissen uit te vinden, dan wordt de tekst bevrijd van de tirannie van de enkelvoudige bedoeling van de schrijver.

Er bestaat bijvoorbeeld geen reden om aan te nemen “dat een toneelstuk van Shakespeare vandaag de dag precies hetzelfde betekent als toen het stuk voor het eerst werd uitgevoerd.”5 Elke auteur (of artiest) is het product van zijn of haar eigen culturele achtergrond en gebruikt taal die past bij zijn of haar situatie. De postmoderne tekstkritiek beweert dus dat woorden nooit de objectieve wereld beschrijven, maar slechts verwijzen naar andere woorden.6 Het maakt daarom niet uit hoe een schrijver een zin opbouwt, want die zin kan ons nooit iets vertellen over de werkelijke wereld, maar alleen over de wereld zoals die door de lezer wordt begrepen. Dit idee wordt samengevat met de uitspraak: “Dat is slechts jouw interpretatie.”

Postmoderne filosofie – Anti-realisme en de constructie van de werkelijkheid
Het principe van deconstructie reikt in de postmoderne filosofie veel verder dan alleen de literatuur. Net zoals jij, de lezer, op dit moment de betekenis van deze tekst “schept”, kun je ook je wereld opbouwen op basis van jouw cultuur en ervaringen. Met andere woorden, er bestaat geen “echte wereld”, maar er bestaan zeven miljard geconstrueerde werelden, een overtuiging die we “antirealisme” noemen.7

Traditioneel werd de Waarheid (hoofdletter “W”) gezien als de relatie tussen de werkelijke, objectieve wereld en uitspraken die overeenstemmen met die werkelijke wereld. Dit standpunt wordt de “correspondentietheorie van de waarheid” genoemd. Maar postmodernisten beweren dat dit soort Waarheid onmogelijk bereikt kan worden. Er bestaat geen universele “Waarheid”; er zijn alleen maar persoonlijke, subjectieve waarheden die slechts bestaan in een bepaalde situatie of culturele omgeving. Volgens het postmoderne “antirealistische” paradigma bestaat er dus geen werkelijke wereld waarmee de waarheid zou kunnen overeenstemmen. In plaats daarvan komen onze woorden slechts overeen met andere woorden en scheppen zij, uiteindelijk, ons begrip van de werkelijkheid. Als woorden slechts duiden op andere woorden, dan kunnen woorden nooit gebruikt worden om de Waarheid te ontdekken.

Een klassiek voorbeeld van het idee dat woorden niet op de werkelijke wereld slaan, is te vinden in Foucaults verhandeling “Dit is geen pijp”. In deze verhandeling analyseert hij een schilderij van Magritte uit 1966. Het schilderij is een voorstelling van een schoolbord waarop een pijp getekend is, met daaronder de woorden: “Dit is geen pijp”. Boven het schoolbord zweeft een abstracte voorstelling van een pijp. Foucault staat erop dat geen van deze dingen een pijp is, maar slechts een tekst die een pijp simuleert.8

Het belangrijkste idee achter dit “woordspelletje” is de postmoderne stelling dat alle menselijke wezens geconditioneerd worden door hun cultuur en hun taal – hun leefsituatie – en dat niemand in staat is om zijn of haar situatie te doorbreken om een universum te betreden met objectieve, ware feitelijke uitspraken. “Water maakt nat” is alleen waar voor een kleine gemeenschap die bestaat uit individuen die opgesloten zitten in hun eigen taal en cultuur. Bovendien is het alleen maar waar zolang deze leefgemeenschap het onderling eens is over dit bepaalde taalgebruik. Sterker nog: de gemeenschap bepaalt met haar woordkeuze wat de waarheid is.

Richard Rorty zei ooit dat de waarheid voor hem is wat zijn gemeenschap van academici hem toestaat. Als Rorty beweert dat de maan gemaakt is van groene kaas en als zijn gemeenschap het daarmee niet oneens is, dan is in zijn ogen de maan gemaakt van groene kaas. Nogmaals, de werkelijkheid is niet wat er in objectieve zin bestaat; de werkelijkheid wordt voortgebracht door onze overeenstemming over wat het is. Wij ontdekken geen werkelijke feiten over de werkelijke wereld: wij scheppen ze.

Frans cultureel theoreticus Jean Baudrillard volgde dit principe naar zijn logische conclusie. In 1991 beweerde hij dat de Golfoorlog niet echt was, maar slechts een simulatie voor de nieuwszender CNN. De waarheid dat werkelijke mensen werden gedood leek geen factor te zijn in zijn vergelijking. Niet alle postmodernisten zullen taal en werkelijkheid op Baudrillards manier tot het extreme doorvoeren. Maar Glenn Ward merkt op dat dit voorval gebruikt wordt “...om niet alleen Baudrillard in diskrediet te brengen, maar ook de manier waarop het postmodernisme de waarheid en evaluaties naast zich neer legt.”9

Postmoderne filosofie – Conclusie
In tegenstelling tot het relativisme van de postmoderne filosofie moeten Christelijke studenten en scholieren begrijpen dat “Waarheid” volgens de Christelijke levensbeschouwing wel degelijk bestaat. Bijna alles in het Christendom is universeel wat betreft reikwijdte en toepasbaarheid. God heeft het volledige universum geschapen, inclusief mannen en vrouwen. De zonde is een universele toestand die elk menselijk wezen heeft aangetast. “God had de wereld zo lief” slaat op elk menselijk wezen. Christus is gestorven voor de zonden van de hele wereld, niet slechts voor een of twee specifieke leefgemeenschappen. Christenen moeten God en hun medemensen op de hele wereld liefhebben met heel hun hart en verstand.

Het belangrijkste is dat God ervoor heeft gekozen om de Waarheid over Zichzelf en Zijn wereld te openbaren met de woorden in de Schrift en de taal van de hemelen (Psalm 19). Gods woorden zijn niet afhankelijk van de interpretatie van de lezer. In plaats daarvan moet de lezer de Bijbel interpreteren op basis van Gods bedoeling. De apostel Petrus is duidelijk wanneer hij schrijft: “Besef daarbij vooral dat geen enkele profetie uit de Schrift een eigenmachtige uitleg toelaat, want nooit is een profetie voortgekomen uit menselijk initiatief: mensen die namens God spraken werden daartoe altijd gedreven door de heilige Geest” (2 Petrus 1:20-21).

Om de betekenis van een Schrifttekst correct te kunnen begrijpen, moeten we Paulus' advies aan Timoteüs goed in onze oren knopen: “Span je in om voor God te staan als iemand die betrouwbaar is. Zorg dat je je niet voor je werk hoeft te schamen en verkondig regelrecht de waarheid” (2 Timoteüs 2:15). Wanneer je erkent dat God de Waarheid over de werkelijke wereld door middel van taal aan ons heeft gecommuniceerd, en wanneer je de Bijbel ijverig bestudeert, dan kun je de Waarheid kennen die jou zal bevrijden (Johannes 8:32).

Leer meer!

Met toestemming gebruikt. Uit het boek Understanding the Times: The Collision of Today's Competing Worldviews (2e editie), David Noebel, Summit Press, 2006. Met dank aan John Stonestreet, David Noebel en het Christian Worldview Ministry van Summit Ministries. Alle rechten voorbehouden in het origineel.

Voetnoten:
1 Richard Rorty, Achieving Our Country: Leftist Thought In Twentieth-Century America (Cambridge, MA: Harvard University Press, 1998), 96.
2 Nancy Pearcey, Total Truth: Liberating Christianity from Its Cultural Captivity (Wheaton, IL: Crossway Books, 2004), 107, 113.
3 Myron B. Penner, red., Christianity and the Postmodern Turn: Six Views (Grand Rapids, MI: Brazos Press, 2005), 210 en verder.
4 Jean-Francois Lyotard, The Postmodern Condition: A Report on Knowledge (Minneapolis, MN: University of Minnesota Press, 1984), xxiv.
5 Glen Ward, Postmodernism (Chicago, IL: McGraw-Hill, 2003), 162.
6 Waar de eerste woorden op slaan wordt nooit uitgelegd omdat er geen andere woorden zijn waar deze betrekking op zouden kunnen hebben.
7 Voor een vollediger definitie van “antirealisme”, zie Robert Audi, red., The Cambridge Dictionary of Philosophy, 2e editie (Cambridge, Verenigd Koninkrijk: Cambridge University Press, 1999), 33.
8 Zie Foucaults This Is Not a Pipe (Berkeley, CA: University of California Press, 1983), 49.
9 Ward, Postmodernism, 77. Voor een systematische analyse en kritiek van het postmodernisme kunnen wij Christopher Norris’ The Truth About Postmodernism aanbevelen (Oxford, Verenigd Koninkrijk: Blackwell Publishers, 1996).


WAT DENK JIJ? - Wij hebben allemaal gezondigd en verdienen allemaal Gods oordeel. God, de Vader, stuurde Zijn eniggeboren Zoon om dat oordeel op Zich te nemen voor iedereen die in Hem gelooft. Jezus, de Schepper en eeuwige Zoon van God, die Zelf een zondeloos leven leidde, hield zo veel van ons dat Hij voor onze zonden stierf om zo de straf op Zich te nemen die wij verdienen. Volgens de Bijbel werd Hij begraven en stond Hij op uit de dood. Als jij dit werkelijk gelooft, er in je hart op vertrouwt en alleen Jezus als je Redder aanvaardt door te zeggen: "Jezus is Heer", dan zul je van het oordeel gered worden en de eeuwigheid met God in de hemel doorbrengen.

Wat is jouw antwoord?

Ja, vandaag heb ik besloten om Jezus te volgen

Ja, ik ben al een volgeling van Jezus

Ik heb nog steeds vragen