Marxistische geschiedenis

Marxistische geschiedenis – Historisch materialisme
De Marxistische geschiedenis is gebaseerd op een puur wetenschappelijke kijk op de wereld. De evolutiewetenschap en het dialektische pad van these, antithese en synthese zijn erin opgenomen. De Marxistische evolutie geeft de geschiedenis vorm, gebaseerd op het geloof dat de mensheid, net als andere levende dingen, zichzelf voortdurend verbetert en dat ook zal blijven doen.

De Marxistische kijk op de geschiedenis wordt “Historisch Materialisme” genoemd. Dit betekent dat alleen materie bestaat, en dus is de geschiedenis slechts het verhaal over materie in beweging. In deze levensbeschouwing dienen noch God, noch engelen, noch menselijke zielen als de basis voor de werking van de geschiedenis. In plaats daarvan is materie, die aan specifieke wetten gehoorzaamt, de bron van alle vooruitgang in de wereld.

Jozef Stalin zei: “Wat de productiewijze van een samenleving is, dat is in hoofdzaak de samenleving zelf, haar ideeën en theorieën, haar politieke denkbeelden en instellingen. Of, om het wat botter te stellen: de manier waarop de mens leeft, is de manier waarop de mens denkt.”1

Marxistische geschiedenis – Economisch determinisme
Karl Marx zegt: “Het is niet het bewustzijn van de mens dat zijn bestaan bepaalt, maar, integendeel, zijn sociale bestaan dat zijn bewustzijn bepaalt.”2 De stuwende kracht ander de geschiedenis is dus de materiële wereld. De geschiedkundige moet de productie- en ruilmiddelen onderzoeken om de basis voor alle historische vooruitgangen te begrijpen. De economie wordt zo dus de machtigste kracht in de geschiedenis gemaakt. Marx zegt: “Met de verandering van het economische fundament wordt de volledige, immense superstructuur min of meer snel getransformeerd.”3

Wanneer zij de geschiedenis bekijken, geloven Marxisten in economisch determinisme, wat stelt dat de economie het fundament is van de volledige sociale superstructuur, waaronder de gedachten van individuen. Frederick Engels verkondigt: “In elk historisch tijdperk vormt de overheersende productie- en ruilwijze, en de sociale organisatie die daar noodzakelijkerwijs uit volgt, de basis waarop de politieke en intellectuele geschiedenis van dat tijdperk wordt gebouwd, en alleen van daaruit kan deze geschiedenis worden uitgelegd.”4

In het Marxisme zijn regeringen, gerechtshoven, filosofieën en godsdiensten gebaseerd op het economische systeem van de samenleving. Daarom kunnen deze zaken de geschiedenis alleen beïnvloeden in zoverre hun vermogen om de menselijke ontwikkeling te geleiden wordt gevormd door de economie. De economie is de enige dynamische kracht in de geschiedenis en alle andere aspecten van de mensheid en de samenleving worden erdoor bepaald.

Marxistische geschiedenis – Economisch determinisme en vrije wil
Marx gelooft dat wij binnen dit raamwerk nog steeds een vrije wil kunnen hebben, maar hij maakt een zorgvuldig onderscheid tussen een volledige vrijheid en een vrijheid binnen de begrenzingen die ons worden opgelegd door alle uitwendige materiële invloeden. Hij schrijft: “Mensen maken hun eigen geschiedenis, maar zij doen dat niet zoals ze maar willen; zij doen dat niet onder omstandigheden die zij zelf hebben gekozen, maar onder omstandigheden die rechtstreeks worden aangetroffen, gegeven en doorgegeven door het verleden.”5

Marx lijkt deze schijnbare tegenstelling toe te geven wanneer hij ons een vrije wil toekent, terwijl hij tegelijkertijd stelt dat de economie de enige drijfveer is voor de geschiedenis. Hij zegt: “Staat het mensen vrij om deze of gene samenlevingsvorm voor zichzelf te kiezen? Zeer zeker niet... wanneer je bepaalde ontwikkelingsfasen aanneemt in de productie, handel en consumptie, dan zul je een overeenkomstige sociale structuur hebben, met een overeenkomstige organisatie van gezinnen, rangen en standen... om het in een woord te zeggen: een overeenkomstige burgerlijke samenleving... Het is overbodig om hieraan toe te voegen dat mensen hun productieve krachten niet zelf kunnen kiezen – en die vormen de basis van hun hele geschiedenis...”6

Maar als wij onze samenleving, haar overkoepelende structuur of haar productiewijze niet kunnen kiezen, en als deze dingen op hun beurt bepalen hoe wij denken, wat valt er dan nog te kiezen? Het lijkt erop dat in dit geval onze enige optie bestaat uit het volgen van de stroom van de geschiedenis zoals die bepaald wordt door de economische structuur.

Deze conclusie lijkt zelfs nog meer onontkoombaar in het licht van het Marxistische geloof dat de geschiedenis bestuurd wordt door bepaalde wetten, die wetenschappelijk te ontdekken zijn. V.I. Lenin gelooft dat Marx de aandacht “vestigde op een wetenschappelijke bestudering van de geschiedenis als een enkel proces dat, met al zijn immense verscheidenheid en tegenstrijdigheid, bestuurd wordt door definitieve wetten.”7

Het geloof in dergelijke wetten heeft een onheilspellende implicatie: het staat Marxisten toe om zowel de moraliteit als de rede opzij te zetten, omdat zij alles wat ze doen kunnen rechtvaardigen, omdat deze voorbestemd zouden zijn door de “verborgen wetten” die de historische gebeurtenissen sturen. Jozef Stalin beweert: “Daarom moet de praktische activiteit van de partij van het proletariaat niet gebaseerd zijn op de goede wensen van 'uitmuntende individuen', niet op de voorschriften van 'de rede', 'universele morele waarden', enzovoorts, maar op de wetten van de ontwikkeling van de samenleving en op de bestudering van deze wetten.”8

Marxistische geschiedenis – Conclusie
Marxisten zien de geschiedenis vanuit een atheïstisch en evolutionistisch perspectief en geloven daarom dat de menselijke geschiedenis altijd vooruitgang zal boeken, net zoals de ontwikkeling van het leven altijd vooruitgang boekt. Het resultaat is dat Marxisten geloven dat het historische proces ons zal redden door middel van de toekomstige instelling van een communistisch Utopia.

Het Marxisme ziet de geschiedenis aan het werk volgens de specifieke, ontdekbare wetten van de dialektiek, die de economische structuren veranderen en zo samenlevingen en ideeën revolutioneren.

Marxisten proberen de mens weer een plaats in de geschiedenis te geven als een stuwende kracht door te stellen dat de onderdrukte klassen de katalysator zijn voor het dialektische proces. Volgens deze kijk kunnen alleen mensen die volgens deze geschiedeniswetten en deze ontwikkeling handelen, een werkelijke inslag hebben. In de Marxistische kijk op de geschiedenis zijn we dus eigenlijk als toeschouwers van een bokswedstrijd. Het maakt niet uit hoeveel we juichen en joelen, het maakt niet uit hoeveel we klappen en met onze voeten stampen, de bokser die naar de grond gaat zal ongetwijfeld verliezen. We kunnen net zo goed klappen en juichen voor de winnaar die al van tevoren vaststaat en hem aanmoedigen om nog overtuigender te winnen.

In Marxistische termen maakt het niet uit of we een rechtstreeks pad nemen of dat we heen en weer zigzaggen: de uiteindelijke afloop van de geschiedenis blijft hetzelfde. Marxisten geloven dat alleen hun wereldbeeld de wetenschappelijke kijk op de geschiedenis volgt en dat de natuurwetten een onvermijdelijke vooruitgang garanderen. Het Marxisme kent alle macht toe aan het historische/dialektische proces en roept individuen op om alleen in onderwerping aan deze almachtige kracht te handelen. Marx zegt: “De geschiedenis is de rechter – de proletariër haar beul.”9

Leer meer!

Met toestemming gebruikt. Uit het boek Understanding the Times: The Collision of Today's Competing Worldviews (2e editie), David Noebel, Summit Press, 2006. Met dank aan John Stonestreet, David Noebel en het Christian Worldview Ministry van Summit Ministries. Alle rechten voorbehouden in het origineel.

Voetnoten:
1 Joseph Stalin, Dialectical and Historical Materialism (New York, NY: International Publishers, 1977), 29.
2 Karl Marx, A Contribution to the Critique of Political Economy (New York, NY: International Publishers, 1904), 11. Het standpunt van Marx is identiek aan dat van de existentialisten, die erop staan dat het bestaan voorafgaat aan de essentie. Dit standpunt is daarom aantrekkelijk voor zowel Marxisten als postmodernisten.
3 Marx, Contribution to the Critique of Political Economy, 12.
4 Karl Marx en Frederick Engels, The Communist Manifesto (Chicago, IL: Henry Regnery Publishers, 1954), 5.
5 Karl Marx, Frederick Engels en V.I. Lenin, On Historical Materialism (New York, NY: International Publishers, 1974), 120.
6 Karl Marx, The Poverty of Philosophy (New York, NY: International Publishers, 1936), 152–3.
7 Marx, Engels en Lenin, On Historical Materialism, 461.
8 Stalin, Dialectical and Historical Materialism, 19.
9 Marx, Engels en Lenin, On Historical Materialism, 135.


WAT DENK JIJ? - Wij hebben allemaal gezondigd en verdienen allemaal Gods oordeel. God, de Vader, stuurde Zijn eniggeboren Zoon om dat oordeel op Zich te nemen voor iedereen die in Hem gelooft. Jezus, de Schepper en eeuwige Zoon van God, die Zelf een zondeloos leven leidde, hield zo veel van ons dat Hij voor onze zonden stierf om zo de straf op Zich te nemen die wij verdienen. Volgens de Bijbel werd Hij begraven en stond Hij op uit de dood. Als jij dit werkelijk gelooft, er in je hart op vertrouwt en alleen Jezus als je Redder aanvaardt door te zeggen: "Jezus is Heer", dan zul je van het oordeel gered worden en de eeuwigheid met God in de hemel doorbrengen.

Wat is jouw antwoord?

Ja, vandaag heb ik besloten om Jezus te volgen

Ja, ik ben al een volgeling van Jezus

Ik heb nog steeds vragen